Server recycling begint in uw eigen beheer, niet bij het ophalen. Zet eerst diensten en gegevens over, schakel de apparatuur uit en leg vast welke schijven erin zitten. Daarna kunnen servers, NAS-systemen en netwerkapparatuur worden opgehaald voor hergebruik, onderdelen of recycling. Bedrijven laten dat bij Drive4Recycle gratis doen, zonder minimum.
Deze gids is voor IT-beheerders, MSP's en facilitair verantwoordelijken. U leest wat u vooraf regelt, wat u vastlegt en welke informatie wij vooraf van u willen hebben.
1. Fase de servers eerst uit
Een server die uit staat, is nog niet uitgefaseerd. Controleer eerst of er niets meer van afhangt.
- Diensten: zijn alle toepassingen, databases en virtuele machines overgezet of bewust beëindigd?
- Back-up: is er een recente back-up die u ook echt hebt teruggezet? Bewaar die op een ander systeem dan de server die weggaat.
- Verwijzingen: wijzen DNS-records, scripts, koppelingen of monitoring nog naar dit apparaat?
- Toegang: haal het apparaat uit het domein. Trek certificaten, serviceaccounts en VPN-toegang in.
Laat de apparatuur na het uitschakelen een afgesproken periode uit staan. Mist er toch iets, dan merkt u dat terwijl de server nog in huis is.
Licenties en contracten
Kijk ook naar de administratieve kant. Loopt er nog een onderhouds- of garantiecontract op het serienummer? Is de apparatuur geleased of gehuurd? Zijn er softwarelicenties aan deze hardware gekoppeld die u wilt opzeggen of overzetten? Regel dit vóór het ophalen. Lease- en huurapparatuur kan meestal niet zomaar worden meegegeven.
2. Tel en registreer de schijven in servers, NAS en SAN
In een serverruimte zitten meer datadragers dan u op het eerste gezicht ziet. Ook één losse schijf uit een RAID-set kan leesbare gegevens bevatten. Bij een spiegel (RAID 1) staat op elke schijf een volledige kopie. Bij RAID 5 of 6 staan op elke schijf stukken van bestanden. Behandel dus elke schijf als een datadrager.
Kijk op deze plekken:
- Schijven in de sleden aan de voorkant, ook reserveschijven (hot spares)
- Interne opstartmedia, zoals een M.2-SSD, een SD-kaart of een USB-stick op het moederbord
- Cache-SSD's in een NAS of opslagsysteem
- Schijfbehuizingen die bij een SAN of opslagsysteem horen
- Losse schijven en back-uptapes in kasten en laden
Noteer per apparaat het merk, het model en het aantal schijven. Vraagt uw beleid om registratie per schijf? Leg dan ook de serienummers vast. Die staan meestal op het label van de schijf zelf.
Haal de schijven niet op eigen houtje uit de apparaten. Spreek vooraf af of complete apparaten of losse datadragers worden overgedragen. Zo blijft duidelijk welke schijf bij welk apparaat hoort.
Versleuteling
Zijn volumes versleuteld, bijvoorbeeld met BitLocker of met de versleuteling van uw NAS of opslagsysteem? Dan zijn de gegevens zonder sleutel veel moeilijker te lezen. Versleuteling is een extra laag. Het vervangt wissen of vernietigen niet. Spreek ook af wat u met de sleutels doet zodra de schijven zijn verwerkt.
NAS: let op de back-ups
Een NAS is vaak de plek waar de back-ups van andere systemen staan. Controleer daarom eerst of die back-ups ergens anders veilig staan. Afhankelijk van merk en gekozen optie zet een reset alleen de instellingen terug, of wist hij ook de volumes. Ook een wisoptie is geen bewijs dat de gegevens onherstelbaar weg zijn. Lees meer over die keuze in harde schijf wissen of vernietigen.
3. Netwerkapparatuur, UPS en kabels
Switches, routers en firewalls bevatten vooral configuratiegegevens, zoals wachtwoorden, VPN-sleutels, certificaten en de opbouw van uw netwerk. Afhankelijk van het model kunnen ook logbestanden en andere gegevens zijn opgeslagen. Het NCSC raadt aan om netwerkapparatuur terug te zetten naar de fabrieksinstellingen voordat u die wegdoet. Bewaar eerst een kopie van de configuratie als u die nog nodig hebt.
Veel servers hebben een aparte beheerkaart, zoals iDRAC bij Dell of iLO bij HPE. Ook daarin staan accounts en netwerkinstellingen. Laat uw beheerder die terugzetten.
UPS-systemen bevatten accu's. Meld die apart, met merk en type. Heeft een UPS een netwerkbeheerkaart, volg dan ook de handleiding voor het verwijderen van accounts en configuratie. Schneider Electric beschrijft bijvoorbeeld beheeraccounts en resetprocedures voor zulke kaarten. Doe dat ook voor lege racks, patchpanelen en grote hoeveelheden kabels. Wat we meenemen, bevestigen wij vooraf. Stuur voor UPS-systemen, racks en tapes eerst een foto en het type mee; ga pas na bevestiging uit van acceptatie.
Overzicht per apparaat
| Apparaat | Waar staan gegevens? | Wat regelt u vooraf? |
|---|---|---|
| Rack- of towerserver | Schijven in sleden, interne opstartmedia, beheerkaart | Diensten overzetten, back-up testen, schijven tellen, beheerkaart terugzetten |
| NAS | Schijven, cache-SSD's, accounts en instellingen | Back-ups elders veiligstellen, schijven tellen, accounts loskoppelen |
| SAN of opslagsysteem | Schijven in elke behuizing, configuratie in de controllers | Volumes migreren, schijven per behuizing tellen |
| Switch, router, firewall | Configuratie, wachtwoorden, VPN-sleutels | Configuratie bewaren, daarna fabrieksreset |
| UPS | Accu's; bij een netwerkbeheerkaart ook accounts, instellingen en logbestanden | Apart melden met merk en type; eventuele beheerkaart volgens de handleiding resetten |
| Losse schijven en tapes | De datadrager zelf | Tellen, apart en afgesloten bewaren |
4. Dit willen wij vooraf van u weten
Hoe beter we de partij kennen, hoe beter ons voorstel klopt. U krijgt binnen 1 werkdag een voorstel. Stuur ons:
- Foto's: het rack van voren, losse apparatuur en eventuele stapels. Een foto via WhatsApp is genoeg. Zet geen schermen, wachtwoorden of labels met klantnamen in beeld.
- Aantallen per soort: servers, NAS, opslagsystemen, switches, UPS-systemen en losse schijven.
- Datadragers: een schatting van het aantal, en of u registratie per serienummer nodig hebt.
- Stand van zaken: staat de apparatuur nog in het rack, of al los en uitgeschakeld?
- Locatie: het adres, de verdieping en of er een lift is. Meld ook trappen, drempels en de afstand tot de laadplek.
- Toegang: begeleiding, een toegangspas, vaste tijden of een melding bij de receptie.
- Contact en planning: een contactpersoon op locatie en uw voorkeur voor een moment.
Laat uw eigen IT-beheerder migratie, uitschakeling en eventuele uitbouw regelen. Bespreek vooraf welke voorbereiding en werkzaamheden op locatie nodig zijn; demontage of datavernietiging op locatie is geen standaardbelofte. Hoe het ophalen precies gaat, stemmen wij vooraf met u af. Wat we meenemen en hoe de datadragers worden verwerkt, bevestigen wij vooraf.
5. Serverruimte opruimen bij een verhuizing of sluiting
Bij een verhuizing of sluiting staat er vaak een harde datum. Werk daarom terug vanaf die datum.
- Inventaris: zet alles uit de serverruimte op een lijst, ook wat in kasten ligt.
- Bestemming: bepaal per apparaat of het meeverhuist, terug moet naar een leasemaatschappij of weg mag.
- Migratie: zet diensten over. Laat oud en nieuw een tijd naast elkaar draaien als dat kan.
- Uitschakelen: zet de apparatuur uit en wacht de afgesproken periode af.
- Voorbereiden: reset netwerkapparatuur, tel de schijven en bewaar losse datadragers afgesloten.
- Ophalen: plan het ophalen ruim vóór de oplevering van het pand.
Let op wat niet van u is. Apparatuur van een leverancier of provider hoort niet in de partij, zoals een router van uw internetprovider. Voor de laptops en desktops op de werkplekken gebruikt u de checklist oude computers afvoeren bij uw bedrijf.
6. Server recycling: wat er na het ophalen gebeurt
Datadragers worden apart gehouden en per stuk geregistreerd. Gespecialiseerde, gecertificeerde partners wissen ze volgens NIST SP 800-88 of vernietigen ze volgens DIN 66399. Dat zijn de normen van onze partners. U ontvangt per e-mail een certificaat per datadrager, met type, serienummer en verwerkingswijze. Meer daarover leest u op dataveiligheid.
De apparatuur zelf sorteren we in drie stromen:
- Hergebruik: bruikbare servers en netwerkapparatuur krijgen waar mogelijk een tweede leven.
- Onderdelen: delen die nog bruikbaar zijn, krijgen een tweede leven als onderdeel.
- Recycling: het restmateriaal gaat via onze partners naar verwerking volgens WEEELABEX.
Levert de hardware geld op, dan gaat een vooraf afgesproken deel van de verkoopopbrengst naar Stichting KEI Rijswijk. Hoe dit past in het geheel, ziet u bij IT-recycling voor bedrijven.
Voor bedrijven: servers en netwerkapparatuur laten ophalen
Drive4Recycle haalt oude IT-hardware gratis op bij bedrijven en organisaties in heel Nederland. Geen minimum, geen kilogrens. Dus ook één server of één NAS. Werkend of kapot, op afspraak. U spreekt met Bob of Sam. Particulieren halen wij niet op.
Bekijk welke apparatuur we ophalen, of stuur uw foto's en aantallen via Ophaling aanvragen.
Veelgestelde vragen
Wat is de levensduur van een server?
Daar is geen vaste termijn voor. Het hangt af van de belasting, de garantie en hoe lang de fabrikant nog updates en onderdelen levert. Een logisch moment om te vervangen is wanneer de ondersteuning afloopt of de server de belasting niet meer aankan.
Moet ik de schijven zelf uit de server halen?
Niet standaard. Tel en registreer de schijven wel. Of complete apparaten of losse datadragers worden overgedragen, spreken we vooraf met u af.
Is een fabrieksreset van een NAS genoeg?
Een reset is geen bewijs dat de gegevens onherstelbaar weg zijn. Afhankelijk van de optie worden alleen de instellingen teruggezet. Wilt u zekerheid, laat de schijven dan aantoonbaar wissen of vernietigen.
Halen jullie ook kapotte servers en losse schijven op?
Ja. Wij halen werkende en kapotte hardware op. Meld wel welke schijven defect zijn. Wat we meenemen en hoe de datadragers worden verwerkt, bevestigen wij vooraf.
Wat doe ik met losse computeronderdelen uit de serverruimte?
Verzamel ze per soort, zoals geheugen, voedingen en kaarten. Zet ze op de foto en meld de aantallen. Losse schijven bewaart u apart en afgesloten.
Kost het ophalen van oude servers geld?
Nee. Ophalen is gratis voor bedrijven en organisaties. Er is geen minimum en geen kilogrens. Na uw foto krijgt u binnen 1 werkdag een voorstel.
